Lenotapijt: het perfecte huwelijk tussen effectgarens en vlakke tapijten?

Structuur pooltapijt

Met lenotapijten worden vlakke weefsels bedoeld, geweven volgens het lenoprincipe én gebruikt als vloerbedekking. Traditioneel tapijt beschikt over een pool die in een grondweefsel is ingeplant. Deze pool bepaalt het uitzicht en dus ook de esthetiek van het tapijt. Sinds enkele jaren worden meer en meer vlakke tapijten op de markt gebracht. Voorheen was dit een zeer kleine niche die door enkele spelers werd bewerkt, bv. de producenten van sisaltapijten waarvan Tasibel (Hamme) wellicht de grootste is. Door verdere ontwikkelingen, ook vanwege de machineconstucteurs, zijn er meer en meer types vlakke tapijten op de markt gekomen; Sisallook en Flatweave van Michel Van de Wiele zijn hiervan voorbeelden. Bij deze vlakke tapijten is er geen pool meer, enkel een grondweefsel en dus moet de esthetische waarde volledig in dit vlakke weefsel zijn verwerkt. Deels kan dit door met weefbindingen te spelen, deels door inslageffecten. Bedrijven zoals Balta en Creatuft zijn reeds jaren succesvol op deze markt. Voor deze poolloze tapijten ontdekken de producenten thans meer en meer de kracht van de effectgarens.

Bij gebruik van een lenobinding krijgt men daarenboven de mogelijkheid om de esthetiek van het effectgaren in de inslag sterker te benadrukken dan in een standaardbinding.

De firma Dornier (D) heeft deze tapijten reeds gepromoot, maar een echte doorbraak in de markt is er nog niet gekomen; de perfecte match tussen grondstoffen, machine en proces is blijkbaar nog niet gevonden.

Binnen de Toegepaste Ingenieurswetenschappen en Technologie heeft men de beschikking over een moderne en unieke spinmachine voor het produceren van effectgarens (Elextraspinroc van Gigliotti&Gualchieri) én over een zeer modern naaldlenogetouw (OptiMax-OptiLeno van Picanol). Dit maakt dat alle nodige machines aanwezig zijn om enerzijds na te gaan in hoeverre de zgn. lenotapijten technisch en economisch voldoen om in de tapijtmarkt hun plaats te veroveren en anderzijds een verdere ontwikkeling van de technologie op relatief korte termijn te kunnen verwezenlijken. Met de Vakgroep Textielkunde van de Universiteit Gent als derde partner beschikt het team daarenboven over één der modernste en best uitgeruste onderzoeks- en testcentra voor tapijt waar tevens een team van ervaren tapijtonderzoekers aanwezig is.

Het project "Lenotapijt" bestaat uit meerdere fasen:

  • in een eerste fase wordt een databank aangelegd van de "vlakke tapijten" die momenteel op de markt zijn;
  • in een tweede fase wordt de technologie verder verkend: garens aangebracht door de industriële partners of gesponnen op de eigen machines worden geweven op het naaldlenogetouw en de tapijten worden getest; 
  • in een volgende fase wordt het gehele proces verder geoptimaliseerd. Het ganse team zal dan de resultaten van de eerste fasen evalueren en samenbrengen met de resultaten van de lopende projecten Fantex en Naaldleno, om aldus een strategie uit te werken naar optimalisatie toe. De opgedane kennis en ervaring binnen de onderzoeksgroep kan aldus optimaal benut worden. 

Einddoel van het project is om, indien mogelijk, de bestaande technologieën te optimaliseren naar een bruikbaar procédé voor lenotapijten.

Geïnteresseerden kunnen contact opnemen met: 

  • ir Geert De Clercq - geert.declercq@hogent.be - T 09 24 24 297
  • ir Geert De Smedt - Geert.desmedt@hogent.be - T 09 24 24 297 
  • Prof. Dr. ir Lieva Van Langenhove - Lieva.Vanlangenhove@Ugent.be - T 09 264 54 19
Terug naar het overzicht 

Textiel in beeld

Natuurlijke grondstoffen

Bekijk meer films... »